De Gemeenteraad

De Gemeenteraad

[one_half last=”no”]Vóór 1851 geschiedde de benoeming van de raadsleden en de wethouders op voordracht door het provinciebestuur en werden de activiteiten van de raad nauwlettend in de gaten gehouden door de zogenaamde districtscommissaris. Van een zelfstandig beleid was nauwelijks sprake, vooral daar het ontbrak aan geschikte gemeentebestuurders. De gehele l9e eeuw was de burgemeester tevens raadslid en was er bij de keuze van de raadsleden sprake van nepotisme. Vooral in het begin van die eeuw was het gemeentebestuur eerder een raad van dorpsoudsten, die maar een zorg hadden: zo min mogelijk geld uitgeven. Na de totstandkoming van de gemeentewet in 1851 kwam er een min of meer democratisch gekozen gemeenteraad, maar het aantal mensen met kiesrecht was in Goirle zeer klein, slechts 54 personen, wat in de komende periode nauwelijks zou stijgen. In 1871 bijvoorbeeld, toen Goirle 1433 inwoners telde, mochten maar 42 Goirlenaren stemmen bij de verkiezing van leden voor de Tweede Kamer en de provinciale staten, en maar 71 personen mochten hun stem uitbrengen bij de gemeenteraadsverkiezingen. 

Gaudium-in-Terra
Goirlese dorpsnotabelen, leden van de sociëteit Gaudium in Terra (1873-1907)

Ondanks de regelmatige verkiezingen, was het meestal zo dat de zittende raadsleden herkozen werden. Vanaf 1851 tot aan de eeuwwisseling zouden slechts 18 verschillende personen deel uitmaken van de raad. Van deze groep waren er 10 fabrikant en 8 landbouwer. Pas na de grondwetsherziening van 1917 mochten alle mannen kiezen, terwijl in 1922 ook het vrouwenkiesrecht in de grondwet werd verankerd.

verkiezingsstrijd1
Verkiezingsstrijd ca. 1910 in de Bergstraat. Op het meegevoerde bord stond te lezen: “Kiest onze Piet, voorstander van een matig drupke. Wordt hij vanavond gekozen, dan wordt in de herbergen volop getrakteerd. Weg met de fanatieke grimmige chocoladebollen”. Met de chocoladebollen worden waarschijnlijk de geheelonthouders bedoeld. In de Kalverstraat woonden voornamelijk geheelonthouders en deze straat werd dan ook de chocoladestraat genoemd. Achter de bomen is nog net de oude, uit de 18e eeuw daterende pastorie te zien.
verkiezingsstrijd2
Verkiezingsstrijd in Goirle. Hierbij kwam blijkbaar nogal wat drank aan te pas om stemmen te winnen. Hier wordt een ton Heineken bier beloofd bij eenoverwinning van de lijsten 7,9 en 21, waarbij vooral geprotesteerd wordt tegen “Den Roomschen kiesdwang”.

[/one_half][one_half last=”yes”]Bij de landelijke verkiezingen stemden de Goirlenaren vooral op de R.K. Staatspartij, de latere KVP. In 1937 ging in Goirle 91% van de stemmen naar deze partij, na de oorlog, in 1948, 88%. In de crisistijd had van de rechtsradicale partijen vooral het Zwart Front aanhangers in Goirle, met name omdat leider A. Meijer zich in de verkiezingsstrijd achter de looneisen van de textielarbeiders schaarde, omdat hij woonachtig was in het naburige Oisterwijk en omdat de houding van R.K. kerk tegen het Zwart Front gematigd was. Bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer in 1937 stemde slechts 0,46% van de Goirlese stemmers op de NSB, tegen een landelijk gemiddelde van 4,22%, maar 2,53% op het Zwart Front, wat weer veel hoger was dan het landelijke gemiddelde van 0,20%.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen speelde voor de oorlog vooral de persoonlijke rivaliteit een rol, terwijl ook na de oorlog nog lang de deelnemende partijen aan de verkiezingsstrijd niet de landelijke politieke partijen vertegenwoordigden, maar ‘de standen’ in de dorpsgemeenschap. Zo zaten er in 1950 zes afgevaardigden van de arbeiders in de raad, twee van de middenstand, drie van de boerenbevolking en twee van de werkgevers.
Er kwam een kentering in 1962, toen de verdeeldheid onder de arbeiders zo groot was, dat zij met twee lijsten deelnamen aan de verkiezing.

Het gevolg was het uitkomen van lijst drie ‘die geen stelling wil nemen tegen of voor een bepaalde klasse, maar zich juist zorgen maakt over de verdeeldheid door persoonlijke en traditionele kwesties’.

Op lijst drie stonden fabrikanten, artsen etc., en volgens kwade tongen noemden zij zich de ‘lijst intellectuelen’. Andere benamingen waren ‘de importlijst’ of ‘het vreemdelingenlegioen’.

Tegenwoordig (2014) bestaat de gemeenteraad van Goirle uit 19 zetels, verdeeld over 10 politieke partijen. Hieronder staat de samenstelling van de gemeenteraad sinds 1998 weergegeven.

Zetelverdeling na verkiezingen 2014
Zetelverdeling na verkiezingen 2014
Zittend midden: Burgemeester Machteld Rijsdorp (VVD) Van links naar rechts: Wethouder Guus van der Put: Wethouder Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Wethouder Marijo Immink: Wethouder Wmo, Welzijn en Volksgezondheidszorg, Wethouder Theo van der Heijden: Wethouder Financiën, Economische Zaken en Openbare Ruimte, Gemeentesecretaris Michel tromp, Wethouder Sjaak Sperber: Wethouder Sociale Zaken, Jeugd, Sport en Cultuur
Zittend midden: Burgemeester Machteld Rijsdorp (VVD) Van links naar rechts: Wethouder Guus van der Put: Wethouder Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Wethouder Marijo Immink: Wethouder Wmo, Welzijn en Volksgezondheidszorg, Wethouder Theo van der Heijden: Wethouder Financiën, Economische Zaken en Openbare Ruimte, Gemeentesecretaris Michel tromp, Wethouder Sjaak Sperber: Wethouder Sociale Zaken, Jeugd, Sport en Cultuur

De geschiedenis van Goirle is beknopt beschreven.

De tekst komt uit: Jef van Gils en Ronald Peeters, ‘Een eeuw Goirle 1870-1970′ (Goirle, Boekhandel Soeters, 1992), 200 blz. ISBN 90-801208-1-2 (copyright).[/one_half]

error: Content is protected !!